Van kinderrechtencommissaris tot top in onderwijs: Bruno Vanobbergen over opvoeden in 2040
Hoe ziet opvoeden eruit in 2040? Evolueren we naar een samenleving waarin zorg en verantwoordelijkheid gedeeld worden, of naar een context waarin opvoeden steeds meer gemonitord en gecontroleerd wordt? Comon ging in gesprek met Bruno Vanobbergen. Met een doctoraat, tien jaar ervaring als kinderrechtencommissaris, vijf jaar als leidend ambtenaar bij Opgroeien en vandaag directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, brengt hij een zeldzame combinatie van beleidservaring en praktijkkennis samen. Ontdek enkele fundamentele vragen en spanningen die de toekomst van opvoeden zullen bepalen.
Drie fundamentele vragen over opvoeden
Volgens Bruno Vanobbergen draaien de komende jaren rond drie grote maatschappelijke vraagstukken.
- Kunnen we verontrustende opvoedingssituaties terugdringen?
Zogenaamde VOS-situaties (verontrustende opvoedingssituaties: contexten waarin de veiligheid of ontwikkeling van een kind ernstig bedreigd wordt) nemen toe. Dat gaat van verwaarlozing tot complexe scheidingen waarin verantwoordelijkheid diffuus wordt. De stijging is structureel en zorgwekkend.
- Blijven er genoeg mensen die willen opvoeden?
Hier benoemt hij een duidelijke tendens:
"We zien vandaag een enorme opvoedingsverlegenheid bij ouders. Steeds meer mensen zeggen bewust: ‘Wij kiezen ervoor om geen kinderen te hebben’ of ‘Wij kiezen ons eigen model van ouderschap’. Tegelijk wordt de druk om ouderschap te combineren met tal van andere opdrachten alleen maar groter. De vraag is dus echt: gaan we nog voldoende ouders vinden die die verantwoordelijkheid kunnen en willen opnemen?"
Opvoedingsverlegenheid (het gevoel onvoldoende uitgerust te zijn om kinderen op te voeden) is dus geen individueel falen, maar een maatschappelijk signaal.
- Kiezen we voor individueel welzijn of collectieve solidariteit?
Ondersteuning is schaars, waardoor keuzes onvermijdelijk worden. Zijn we bereid middelen te herverdelen om kwetsbare gezinnen beter te ondersteunen? Of blijft opvoeden een individuele verantwoordelijkheid? Die spanning raakt aan bredere maatschappelijke ongelijkheid.
Een systeem onder druk
De analyse is niet mild: het huidige systeem van opvoeding en onderwijs staat onder zware druk. Meer kinderen doen een beroep op jeugdhulp, terwijl bestaande structuren moeite hebben om te volgen.
Tegelijk plaatst hij een belangrijke nuance bij het vaak gehoorde verwijt aan ouders:
Het probleem ligt dus minder bij individuele ouders, en meer bij de context waarin zij moeten functioneren.
Opvoeden als gedeelde verantwoordelijkheid
Daarom pleit hij voor een fundamentele verschuiving: opvoeden moet opnieuw een collectieve verantwoordelijkheid worden: “We zullen opvoeding veel meer als iets gedeeld moeten zien. Ouders hebben het vandaag extreem druk, maar vinden opvoeding wel belangrijk. We moeten hen ondersteunen zodat ze zich comfortabel kunnen voelen bij hun keuzes, zonder schuldgevoel. Dat betekent dat we de verantwoordelijkheid echt moeten delen met de hele samenleving.”Die gedeelde verantwoordelijkheid vraagt ook een andere organisatie van onze samenleving. Vandaag botsen ouders op tijdsdruk, complexe werkschema’s en een gebrek aan netwerk.
Concreet betekent dat:
- het doorbreken van silo’s (gescheiden systemen) tussen onderwijs, vrije tijd en zorg
- meer flexibele en toegankelijke vormen van ondersteuning
- een samenleving die inspeelt op diverse levensrealiteiten, ook bij onregelmatige arbeid
Niet vertrekken vanuit schuld, maar vanuit ondersteuning.
Technologie: tussen ondersteuning en risico
Technologie kan hierin een belangrijke rol spelen, maar blijft ambivalent.
De kansen
Digitale ondersteuning kan laagdrempelig en continu beschikbaar zijn. Denk aan chatbots of virtuele assistenten die ouders begeleiden op moeilijke momenten. Zeker in acute situaties – midden in de nacht, bij stress of onzekerheid – kan dat een verschil maken. Daarnaast kan technologie ouders met elkaar verbinden, zonder fysieke drempels.
De risico’s
Tegelijk roept dit vragen op rond datagebruik (het verzamelen en inzetten van persoonlijke informatie). Opvoedingsdata zijn bijzonder gevoelig. Wie beheert die gegevens? En met welk doel? Het risico bestaat dat kwetsbaarheid gecommercialiseerd wordt.
Een toekomstbeeld via AI
Tijdens het interview kwam ook de op AI gebaseerde “toekomstbode” van Comon aan bod. Die schetste een mogelijke realiteit in 2040, gebaseerd op drie pijlers:
- verplichte en continue opvoedingsbegeleiding
- sterke lokale netwerken die actief betrokken zijn
- slimme technologie die risico’s automatisch detecteert
Een systeem waarin ondersteuning permanent aanwezig is.
Bruno reageert genuanceerd. Hij erkent de waarde van nabijheid en collectiviteit, maar waarschuwt voor een mogelijke verschuiving naar controle en sanctionering (bestraffing). Vooral kwetsbare gezinnen dreigen daarin disproportioneel geraakt te worden. Wat bedoeld is als ondersteuning, kan ervaren worden als toezicht of druk. De AI herkadert dit als “permanente nabijheid” in plaats van controle: een systeem dat inzet op vertrouwen en ondersteuning. Die spanning blijft fundamenteel.
Benieuwd naar meer? Motivatiepsycholoog Maarten Vansteenkiste en ontwikkelingspsycholoog Bart Soenens delen hun kijk
We leven in een tijd van grote maatschappelijke uitdagingen. Economische onzekerheid, geopolitieke spanningen en de klimaatcrisis maken dat de toekomst voor ouders en jongeren soms onstabiel en onvoorspelbaar aanvoelt. Hoe begeleiden we de volgende generaties richting de wereld van 2040? Comon ging in gesprek met Bart Soenens, ontwikkelingspsycholoog, en Maarten Vansteenkiste, motivatiepsycholoog aan Universiteit Gent (PSYNC).